Fiscaal partner, een ruim begrip met vele definities. Wanneer ben je fiscaal partner en wat houdt dat eigenlijk in? Als fiscaal partners kan er gezamenlijk aangifte inkomstenbelasting gedaan worden. Hierin kunnen bepaalde inkomsten en aftrekposten verdeeld worden tussen beide partners. Op deze manier kan je zelf invloed uitoefenen op de hoogte van de belasting en premie die betaald of teruggevraagd kan worden. Wie dit slim doet kan zo het grootste belastingvoordeel behalen.

Dit heeft de Belastingdienst uiteraard ook helder op het vizier en onderscheidt daarom twee situaties;

  1. Wanneer je bent gehuwd of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan ben je vanaf dat moment automatisch elkaars fiscaal partner. Ben je datzelfde jaar op een eerder moment al gaan samenwonen, en stond je daarmee op hetzelfde adres ingeschreven, is die datum leidend voor aanvang van het fiscaal partnerschap.
  2. Als je samenwoont zonder dat je gehuwd of geregistreerde partners bent, gelden er wettelijke regels om te bepalen of je als fiscaal partners in aanmerking komt of niet. De hoofdregel is dat je beiden op hetzelfde adres ingeschreven staat in de Basisregistratie personen, ook wel de BRP. 
Daarnaast moet eén van de volgende punten van toepassing zijn;
    • Gezamenlijk kind, of eén van de partners heeft het kind van de ander erkend óf en let op; beide personen zijn meerderjarig, wonen op hetzelfde adres en eén van beide heeft een minderjarig kind.
    • Notarieel samenlevingscontract afgesloten
    • Aangemeld als pensioenpartner
    • Beide eigenaar van de gezamenlijke woning
    • Voorgaand jaar ook fiscaal partners geweest en situatie is onveranderd
    • Bovenstaande geldt ook voor ouders en kinderen, indien beide boven de 27, die samenwonen en daarbij aan eén van deze voorwaarden voldoen

Maar wat betekent dit concreet voor de gezamenlijke aangifte inkomstenbelasting? Ik zet de grootste voordelen voor je op een rijtje;
–        Aftrekposten kunnen meer opleveren wanneer de ene partner een hoger belastingtarief betaalt dan de ander. 
Waarom? Als beide inkomens in hoogte verschillen kan het belastingvoordeel opleveren door sommige inkomsten en aftrekposten op te geven bij de ander.
–        De verschuldigde belasting over het totale vermogen ligt vaak lager. 
Waarom? Door de inkomens te spreiden val je vaak beide in een lager belastingtarief.
–        Wanneer er samen aangifte gedaan wordt ontvang je soms meer of hogere heffingskortingen.
Waarom? Door fiscaal partnerschap heb je een gezamenlijk heffingsvrij vermogen van €101.300,- i.p.v. €50.650,- p.p. (2022). Wanneer een van de partners een hoger vermogen heeft dan de individuele grens kan dit een belastingbesparing opleveren.
–        Fiscaal partners kunnen vaak beter profiteren van de aanslaggrens. 
Waarom? Doordat partners kunnen schuiven met bepaalde posten is het mogelijk om in ieder geval eén van beide partners onder de aanslaggrens van €46,- (2022) te houden waardoor er niets betaald hoeft te worden.

Nou hoor ik je denken, zijn er enkel voordelen? Helaas zijn er ook een aantal kanttekeningen om rekening mee te houden, wetende;
–        Wanneer je recht hebt op toeslagen van overheidswege kunnen deze komen te vervallen wanneer je fiscaal partner wordt.
–        Het partnerschap heeft ook fiscale gevolgen wanneer eén van beide partners opgenomen wordt in een verpleeghuis. Het gevolg is namelijk dat voor het berekenen van de eigen zorg bijdrage er naar beide inkomens gekeken wordt. 
*Ongehuwde samenwoners kunnen er hierbij nog voor kiezen om door middel van een brief aan de Belastingdienst kenbaar te maken niet langer als fiscaal partners aangemerkt te worden. Het uitgangspunt voor gehuwden is dat zij hier via een verzoek niet vanaf kunnen wijken. Tegenhanger is dan wel weer dat wanneer eén van beide partners in de eigen woning blijft wonen de lage eigen zorg bijdrage gerekend wordt, vanuit de gedachtegang dat de partner thuis ook nog een huishouden draaiende moet houden.

Let op; het wel of geen fiscaal partner zijn is geen vrijwillige keuze. Wanneer er eenmaal aan de wettelijk gestelde voorwaarden wordt voldaan beschouwt de Belastingdienst je als partners en wordt er verwacht de aangifte ook als zodanig in te vullen. Door hier bewust mee om te gaan kunnen ongewenste verrassingen voorkomen worden en kan er juist voordeel mee behaald worden.

 

In de praktijk

Niet alleen bij de aangifte inkomstenbelasting is het begrip partners van belang, maar ook als we kijken naar het gereduceerde partnertarief voor de erf- en schenkbelasting. Volgens de wet geregistreerde partners kunnen pas na 6 maanden samenwonen in aanmerkingen komen voor het gereduceerde partnertarief erfbelasting en dit treedt pas na 2 jaar in werking voor het gereduceerde tarief bij een schenking tussen beiden. 

Even voor de beeldvorming, de bijbehorende cijfers hierover zijn als volgt;
–        Partnervrijstelling, dus het bedrag waarover geen erfbelasting betaald hoeft te worden, bedraagt €680.645,- om vervolgens 10% belasting te rekenen over de opvolgende €130.425,- en daarboven 20%. 
Indien niet als partners geregistreerd kijken we naar een vrijstelling van €2.274,- om vervolgens 30% belasting te rekenen over de opvolgende €130.425,- en daarboven 40%.
–        Dezelfde tariefstelling wordt aangehouden voor partners tot €130.425 geldt een percentage van 10%, daarboven 20%. Ten opzichte van niet partners waarbij tot €130.425,- een percentage van 30% geldt, met daarboven 40%.
Tel uit je winst..

Wanneer je als partners ingeschreven staat op hetzelfde adres maar geen samenlevingscontract hebt kan je na 5 jaar samengewoond te hebben alsnog als fiscaal partners bestempeld worden om aanspraak te kunnen maken op de partnervrijstelling voor evt. erf- en/of schenkbelasting.

Zo is er op 12 juli 2022 een uitspraak gedaan door Hof Arnhem-Leeuwarden waarin bovenstaande stelling mooi naar voren komt.
De casus:
Vanaf 21 mei 1969 stond een man samen met zijn zus en haar echtgenoot ingeschreven op hetzelfde adres in de gemeentelijke basisadministratie. De echtgenoot overleed op 9 september 2017. Op 1 januari 2019 overleed de vrouw. Haar broer was haar enige erfgenaam. De man wilde de partnervrijstelling in de erfbelasting toepassen. Zowel de Belastingdienst als Rechtbank Gelderland meenden dat de man/de broer niet kwalificeerde als fiscale partner van de vrouw/zijn zus, omdat broer en zus geen notariële samenlevingsovereenkomst hadden gesloten en het vereiste van vijf jaar samenwonen op 9 september 2017 opnieuw was ingegaan/pas was aangevangen. Daarop ging de man in hoger beroep.

Anders dan de Rechtbank oordeelt het Hof dat de broer en zijn zus wel kwalificeren als partner voor de Successiewet omdat de wetgever niet de bedoeling heeft gehad de vijfjaarstermijn van het samen ingeschreven staan te koppelen aan de eis dat er geen andere persoon is die met hem/haar aan de voorwaarden voor fiscaal partnerschap voldoet. 
Daardoor voldoet de man/broer aan de voorwaarden voor fiscaal partnerschap voor de Successiewet en mag hij de partnervrijstelling bij het overlijden van zijn zus toepassen.
Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden 12 juli 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:5910